Naast architectuur en frontend bouw ik jaar op jaar mijn DevOps- en Linux-kennis verder uit. Servers inrichten, hardenen en onderhouden, systemd-units schrijven die zich netjes gedragen, netwerk- en firewall-configuratie doen die niet stilletjes alles dichttimmert — het is voor mij vakwerk geworden naast het bouwen zelf.
Containers zijn daarin een centrale tool. Ik werk al jaren intensief met Docker — van losse ontwikkelimages tot multi-stage builds, compose-stacks en private registries — en sluit naadloos aan op Podman waar rootless of daemon-loze setups beter passen. De onderliggende OCI-standaarden, image-lagen, volumes en netwerken zijn voor mij geen black box maar het gereedschap waarmee ik betrouwbare omgevingen bouw.
In de praktijk betekent dat reproduceerbare ontwikkel-, staging- en productieomgevingen, CI/CD-pijplijnen die zelfde images door alle stages duwen, en deployments waarin rollback geen avontuur is. Observability — logs, metrics, health-checks — wordt vanaf dag één meegenomen, niet pas wanneer het al pijn doet.
De combinatie van architectuur, ontwikkeling én infrastructuur in één hoofd maakt dat ik beslissingen kan nemen die aan alle kanten kloppen: code die past bij de runtime, runtime die past bij de code, en een werkwijze die teams duurzaam productief houdt.

